De 55-km terug van weggeweest in de Vierdaagse en... hij mag blijven ook!

25-07-2016
Dit jaar vond in en rond Nijmegen voor de 100ste keer de Vierdaagse plaats. Het was mijn 12de, eigenlijk 13de als ik de afgelaste editie van 2006 meereken. Na 11 keer beloond te zijn geweest met het Vierdaagsekruis voor in mijn geval 4 x 50 km nam ik dit jaar deel aan de 55-km route.

Om de 100ste Vierdaagse extra feestelijk en gedenkwaardig te maken voor de wandelaars, én om heel Nederland te laten kennismaken met de Vierdaagse en de wandelsport, werden er rond de jubileumeditie allerlei activiteiten georganiseerd. Zo kwam er onder andere een Vierdaagsewijn, werd de inschrijflimiet verhoogd naar 50.000 deelnemers, vonden in heel Nederland zogenaamde ‘Stertochten’ plaats waarbij vanuit elke provinciehoofdstad naar Nijmegen werd gewandeld en opende Museum Het Valkhof een expositie over de geschiedenis van de eerste Vierdaagse in 1909 tot de 100ste in 2016.

De 55-km afstand was tot en met 1966 de reglementaire afstand voor mannen tussen 19 en 50 jaar oud. Eenmalig werd de klassieke afstand dit jaar toegevoegd aan de wandelmogelijkheden. Terug van weggeweest dus en… wat mij betreft mag de afstand blijven! Daarvoor zijn veel goede argumenten. Ik noem er vijf.

Allereerst was de doortocht van de Vierdaagse in zowel Druten als Mill een daverend succes. Dat smaakt naar meer! De Vierdaagse bracht het beste in beide gemeenten naar boven. Het zorgde voor veel enthousiasme, gezamenlijke activiteiten en vooral voor veel plezier en levendigheid in zowel Druten als Mill. Inmiddels heeft het college van B&W van de gemeente Mill en Sint Hubert Stichting DE 4DAAGSE officieel laten weten de Vierdaagse lopers volgend jaar opnieuw graag in Mill te willen begroeten. Een initiatief dat ik als loper alleen maar enorm kan toejuichen.

Een ander argument is dat de 55-km route het sportieve karakter van de Vierdaagse benadrukt. Ruim voor de Vierdaagse besloot ik enkele kilo’s af te vallen. Minder ballast leek mij wenselijk voor deze tocht van in totaal 222 km. In mijn voorbereidende wandeltochten heb ik vaker op snelheid getraind zodat ik tijdens de Vierdaagse een hoger wandeltempo zou kunnen hanteren. Ik wilde niet in tijdnood komen. Ook besloot ik in vergelijking met voorgaande jaren minder pauzes te nemen en deze ook in te korten. De 55-km route zag ik echt als een sportieve uitdaging, meer dan de voor mij bekende 50-km. Ik genoot ervan! Uit verhalen van wandelaars die de dag via Druten hadden gelopen maakte ik op dat dit voor veel meer mensen gold. Met 57 km was het de langste wandeldag. Door de lengte, hitte (het was die dag 33 graden) en op vele plekken weinig schaduw was er sprake van een echt pittige wandeltocht alleen geschikt voor goed getrainde wandelaars. De 55-km route loop je niet omdat het moet, maar omdat het kan en je er voor wilt gaan. De afstand kreeg daarmee iets heroïsch.

Als derde maakt de 55-km route het (in combinatie met andere maatregelen) wellicht mogelijk als evenement verder te groeien. De extra route zorgt voor een betere spreiding van de lopers. De inschrijflimiet werd voor de 100ste editie tijdelijk verhoogd met 4.000 deelnemers. De wandelsport in het algemeen en de Vierdaagse in het bijzonder mag zich verheugen op een groeiende belangstelling. Ik zou het geweldig vinden als de Vierdaagse elk jaar de deuren opent voor 50.000 wandelaars. De 100ste editie heeft mijns inziens laten zien dat dit zeer goed mogelijk is!

Over schoonheid valt natuurlijk niet te twisten maar de kilometers op weg naar Druten en ook het natuurschoon en de prachtige landwegen rond landgoed Tongelaar in Mill zijn zeer welkome toevoegingen aan de route van de Vierdaagse. Dat is voor mij het vierde argument.

Het laatste argument is wellicht vooral emotioneel van aard. Maar misschien juist daarom wel het sterkste. Als Millenaar van geboorte werd ik geraakt toen ik tijdens mijn doortocht door Druten en Mill zag hoe kleine dorpen groot kunnen zijn. De Vierdaagse heeft iets magisch. Het brengt niet alleen het beste naar boven in de lopers maar ook bij de bewoners van de plaatsen waar het Vierdaagselegioen doorheen trekt. Druten en Mill hebben laten zien unieke doorkomstplaatsen te kunnen en willen zijn die echt iets toevoegen aan de Vierdaagse. Mariëlle Bastiaans beschrijft het in haar blog als volgt: ‘Eindelijk, na 50 jaar, kwamen de allergrootste bikkels die de langste afstand lopen door ons mooie durpke Mill. Het was een feest groter dan groots! Daar waar Mill al bekend om staat werd nogmaals in veelvoud bevestigd… De Millenaren maken er overal een gigantisch feest van. Iedereen had keiveul schik, inclusief de wandelaars die na tropische temperaturen nu opeens onweer en stortregens moesten trotseren. En dat gebeurde in de saamhorige en verwelkomende gezelligheid van de feestvierende Millenaren. Laat in 2017 de wandelaars gewoon weer als vanouds door Mill lopen! Laat ze ondergedompeld worden in het Millse enthousiasme en gezelligheid. Dwars dur Mill is niet iets eenmaligs, Dwars dur Mill verdient een vervolg! Want iets dat zo mooi is mag niet een eenzame dood sterven. Dat moet herhaald worden! Wij willen de vierdaagse wandelaars en wij willen weer een mooi feestje! Dwars dur Mill!

De 55-km route vormt een geweldige toevoeging aan de Vierdaagse van Nijmegen. Ik hoop uit de grond van mijn hart dat Stichting DE 4DAAGSE de gemeenten Druten en Mill en Sint Hubert jaarlijks dit verbindende feest gunt. Als wandelaar verheug ik me erop ook volgende jaren de mogelijkheid te hebben om voor deze afstand te kiezen. De 55-km route is groter dan groots!

Marcel Nooijen
Waarderend onderzoeken is een inspiratiebron: ‘focus on the strengths, the positive instead of what fails and the negative’. De mensen om wie het draait nodigen we uit een actieve rol te nemen in de toekomst van de zorg, hun werk, organisatie of wijk.